Hoewel Monte do Casarão een oude eucalyptusplantage is, staan er ook veel kurkeiken. Eens in de tien jaar (aan de hand van de jaarringen in de schors wordt gecontroleerd of er inderdaad tien jaar voorbij zijn) mag de schors, de kurk dus, van de kurkeik worden gehaald.
Met zeven man sterk is de klus geklaard: vier kurksnijders (het vak wordt van vader op zoon overgedragen), twee kurksjouwers en een jongeman die de ‘8-tjes’ (van 2008) op de blote bomen schildert. Er is één zaterdag kurk gesneden die de maandag daarop voor Casarão Velho is neergelegd. Vier weken heeft de kurk te drogen gelegen, waarna alles is gewogen en verkocht.
124 arroba (een arroba is ongeveer 15 kilo) is de opbrengst van onze eerste kurkoogst. Omdat maar een deel van alle kurkeiken is geschild, kunnen we elke drie jaar een dergelijke hoeveelheid verwachten.
Een mooie anekdote is dat voor het kurk snijden een weg aangelegd moest worden door de vallei achter Casa Boa. Die weg is gemaakt een paar dagen voor de kurksnijders kwamen. Niemand van ons heeft er ook maar iets van gemerkt. Ineens lag de weg er.
35 hectare is heel veel grond!

